HOME
LONGEVITY LIBRARY
CATALOG
|
van Weston Price's Nutrition and Physical Degeneration Vertaling Rob Hundscheidt Het is een grote waarheid: "In het land der blinden is eenoog koning". Echter anders dan andere mensen is het zeer waarschijnlijk dat deze eenogige koning zich alleen zal gaan voelen. Dat wat me 20 jaar geleden overkwam na het lezen van Weston Price's boek, opende mijn beide ogen. Ik ontdekte Nutrition and Physical Degeneration, toen ik de conventionele onderzochte antwoorden over gezondheid, medische behandelingen en genezen begon te overdenken en te verwerpen. Net als de meeste mensen die zonder vraag of bezorgdheid gewoon hun lichaam accepteren, werd ook ik pas bezorgd over mijn gezondheid nadat ik het begin van de veroudering op middelbare leeftijd bemerkte. Ik bezocht een medische doktor in de stad die algemeen werd beschouwd als de meest progressieve en die het minst waarschijnlijk medicijnen voorschreef, om te vragen waarom ik me zo veel dagen per week me zo afgemat en "op" voelde. Zijn antwoord bestond er uit, "dat men daar maar mee moest leren leven", en "iedereen gaat door zijn middelbare jaren heen", en "neem twee aspirines als het te erg wordt, en maak je er geen zorgen om". Maar ik meende dat ik recht had op lichamelijke
gezondheid en welzijn, en kon zulk een toenemende hopeloze, altijd
erger wordende prognose niet accepteren. Dus toen vroeg ik het
advies van een erg wijze en erg oude tuinman in mijn buurt, die
me de eerste druk van Price's boek uitleende, die hij als een
schat bewaarde, en me verwees naar een naturopaat die in de buurt
praktiseerde, Dr. Isabella Moser. Isabelle werd mijn doktor,
en leerde me hoe ik veel van de degeneratie die er al was kon
herstellen, en enkele jaren later werd ze mijn vrouw. Mijn toegenomen begrip had een grote afstand tussen mijzelf en mijn omgeving gevormd, die verloren gingen in een verwardheid over waarom dat zij en hun dierbaren ziek waren, en die op medische doktors en medicijnen berustten voor hun genezingen, terwijl ze zich eigenlijk zouden moeten richten op hun voedings- en levenswijze. De meeste schrijvers van boeken over gezondheid en alternatieve geneeswijze bieden hoofdzakelijk recepten en verklaringen om degeneratieve klachten te overwinnen, waarvan de meesten van ons geen gebrek aan hebben. De Hygiënisten (mijn meest favoriete van alle holistische benaderingen) hebben ten minste een systematische theorie die uitlegt hoe en waarom het lichaam ziek wordt, en biedt een methode om die te genezen die het logische antwoord is op de oorzaak van de ziekte. Maar bijna geen van alle, inclusief ook sommige Hygiënisten, bieden een vergelijkende maatstaaf die men voor kan houden en zeggen:"Dit is een voorbeeld zoals echte gezondheid zou moeten uitzien". Anderen op ander gebied van het leven hebben
benadrukt hoe essentieel het is om een maatstaaf ter vergelijking
te hebben als men enigerlei aspect van het leven bestudeert -
- vergelijkingsmateriaal ter afspiegeling - - en dat het zonder
zulk een groep praktisch onmogelijk is om beduidende waarheid
te vinden. Zo probeerde Abraham Maslow zich wijselijk voor te
stellen hoe een psychologisch gezond mens er uit zou zien voordat
hij uitlegde wat we zouden kunnen doen om betere mensen te worden.
Hij had een speciale naam voor zijn ideaal. Maslow benadrukte
dat als men wist wat men zou moeten proberen te worden, dat men
eerst iemand zou moeten kennen die zich zo naar onze idealen
had ontwikkeld, ter voorbeeld om onze potentialen te realiseren
- - en dat men dan zo een doel had om naar te streven en zijn
leven te verbeteren. Zoals ik al vertelde aan het begin van dit
essay, was ik na het lezen van dit boek nooit meer dezelfde.
Een handvol andere boeken hadden me sterk beïnvloedt hoe
ik het leven begreep. Dus begon ik soms wederom het boek Nutrition
and Physical Degeneration te lezen, zoals zich uitwees zo om
de 5 jaar. Ik heb lezingen over Price's werk gehouden, en de
Foundation gepromoot die het probeerde voort te zetten, en ik
heb graag gewild om het boek een deel van mijn site te maken.
Maar tot nu toe is het nog niet gelukt om toestemming te krijgen
van diegenen die over de Price-Pottenger Foundation gaan. Ze
hebben mijn aanvragen afgewezen omdat er nog steeds een herdruk
van Nutrition and Physical Degeneration bij deze Foundation,
en een grote behoudende inkomstenbron zijn voor deze mensen.
Alhoewel is het zo dat men gerechtigd is om met betrekking tot
de copyrightbescherming onder de regels van "Fair Gebruik",
te citeren uit een boek ter bespreking daarvan, of ter wetenschappelijke
bespreking. Dit is nu wat er onderstaand volgt, een boekbespreking.
Weston A. Price was een succesvolle Amerikaanse
tandarts uit het middenwesten die praktiseerde gedurende de 1920er
jaren. Hij zou financieel gezien een overwegend comfortabel leven
kunnen hebben geleid, door de ravages te herstellen van algemeen
om zich heen grijpende tandverval en gezichtsvervormingen bij
deze middenwesterse Amerikanen die in staat waren om dit honorarium
te betalen. In plaats daarvan maakte hij zich bezorgd over de
zwaar betroffen generatie die hij zag opgroeien in de moderne
geciviliseerde wereld. De hoofdzakelijk praktiserende medische
geneeskunde had grotendeels gefaald om de oorzaak van het toegenomen
overlijden aan ordinaire infecties en de intensiviteit van allerlei
vormen van degeneratieve toestanden waren toegenomen. De statistieken
laten de recente afname van zuigelingensterfte door vaccinatie
en sanitaire voorzieningen verschijnen om te laten zien dat we
langer zouden leven, maar Price dacht dat we niet dezelfde goede
gezondheid en welzijn hadden zoals die van voorgaande generaties.
Noch zou het waarschijnlijk zijn dat we langer zouden leven.
De directe dagelijkse bezigheid van Price, namelijk de percentaguele
hoeveelheid tandverval en misvormde gezichtsbeenderen, bleek
ook snel toe te nemen. Een derde gebied van degeneratie waar
Price met behoorlijke bezorgdheid over sprak, zal voor de lezers
van dit boek waarschijnlijk het meest moeilijk te accepteren
zijn - - hij bespeurde en observeerde een opmerkelijke vermindering
van het algehele morele karakter van de mensen in de "geciviliseerde"
wereld. Iemand anders die deze realiteit hetzelfde
zag van een erg verschillend standpunt was de Duitser mysticus
en spiritualist Rudolf Steiner, inspiratie van de educatieve
Waldorf methode en stichter van de antroposofische filosofie.
Steiner verwonderde zich er over waarom zo vele mensen die betrokken
zijn in zijn spiritueel georiënteerde gemeenschappen zulk
een reactief onverantwoord praktisch crimineel gedrag vertoonden,
terwijl deze mensen juist die mensen waren die zich zo op zelfverbetering
concentreerden. Waarom - vroeg Steiner zich af - waren deze gemeenschappen
zulke middelpunten van moorddadig twistzieke mensen met zulk
diep gezetelde geniepige emoties, en schuilplaatsen van politieke
manoeuvres? Hij concludeerde uiteindelijk dat het probleem niet
in zijn leringen lag of in de methodes die hij aanbeval voor
zelf-verbetering; het probleem lag in de voeding van zijn volgelingen.
Totdat het lichaam goed gevoed was, was er maar weinig of geen
mogelijkheid om te praten over spirituele voeding. Price zei over zijn boek: Datgene wat zich uitwees dat er ontbrak waren de voedingstoffen.
Onthoudt dierbare lezer dat Price (en interessant genoeg ook
Rudolf Steiner) begon te praktiseren kort na een grote verandering
die optrad in de voedingsgewoontes van de mensen. De degeneratie
die geobserveerd werd in 1920er jaren kwam ongeveer 30 jaar na
de introductie van de molen en de als gevolg daaruit wijd verspreide
consumptie van witte bloemproducten. Price begon ca. 20 jaar
nadat de nationaal gedistribueerde gedevitaliseerde met merknamen
voorziene geconserveerde voedselproducten de voedingswinkels
begonnen te domineren, met zijn onderzoek zoals beschreven in
Nutrition and Physical Degeneration, en de voedingswijze van
de mensen.
Price begon aan een tiental jaren reizen
en onderzoek door naar Zwitserland te gaan, alwaar hij op zijn
eerste "expeditie" een reeks vermoedelijke oorzaken
van uitstekende tandgezondheid uitsorteerde. Hij vermoedde aanvankelijk
dat het leven op grotere hoogten beter lichamelijke gezondheid
zou kunnen voortbrengen. Beter voedsel zou er ook iets mee kunnen
hebben te doen. Hij zei: "Hoe verschillend is het levensnivo van zulke mooie zielen vergeleken met de mensen van vele plaatsen van de zogenaamde "geciviliseerde wereld", alwaar de mensen zichzelf hebben gedegradeerd tot een leven dat geen interesse heeft in dergelijke waardes, die niet kunnen worden uitgedrukt in rijkdom of goud. Men vraagt zich direct af of er niets iets in de levengevende vitamines en mineralen van het voedsel zit, dat niet alleen een geweldige lichamelijke structuur opbouwt waar in hun ziel zit, maar ook karakters en harten opbouwt van een hoger soort mens, waar in de materiële waardes van het leven op de tweede plaats staan naast het persoonlijke karakter."(pag. 27) Price begon er mee om bepaalde thema's van zijn onderzoek te noteren, die zich later als nuttig zouden uitwijzen toen hij in de jaren daar na andere plaatsten bezocht. De eerste en meeste belangrijke factor die algemeen aanwezig bleek te zijn in gezonde omgevingen, was dat die afgelegen of geïsoleerd lagen - - van de "civilisatie", van de moderne geciviliseerde voedselsoorten van de industriële civilisatie, en van de psychische druk van het moderne leven. En het gevolg van zulk een geïsoleerd leven, was de afwezigheid van alle soort van sociale problemen en degeneratieve ziektes. "De mensen van Loetschental bestonden
uit een gemeenschap van 2000 personen die een wereld op zichzelf
waren. Ze hadden noch een tandarts of doktor nodig omdat ze dit
gewoon maar nauwelijks of nooit nodig hadden, ze hadden ook geen
politie of gevangenis, omdat dat ook niet nodig was. De kleren
bestonden uit een zelf thuis zelfgemaakte soort die gemaakt werden
van de wol van hun schapen. Alhoewel Price de afwezigheid van ziekte
in het algemeen ook noteerde, concentreerde hij zich meer op
tanden en kaken, zijn specialiteit: In de winter wordt er hooi gemaaid voor
het vee, en dit hooi groeit vrij snel. Het hooi wees zich bij
chemische analyses die op mijn laboratorium gedaan werden uit,
dat het ver boven de gemiddelde kwaliteit lag voor weide- en
bewaargrassen
.. In de zomer zoekt het vee in de hogere
gebieden het weideland en volgt de terugtrekkende sneeuwgrens
die de lagere dal verlaat en dit vrijmaakt voor het oogsten van
hooi en rogge. Het ploegen of losmaken van de grond wordt met
de hand gedaan, omdat er geen ploegen of dieren zijn om te ploegen,
om de volgende oogst voor te bereiden. Men laat er een beperkte
hoeveelheid groenten in de tuin groeien, hoofdzakelijk groene
groenten voor zomergebruik. Als de koeien de warme zomer op de
groene heuvels en beboste hellingen kort bij de gletsjers doorbrengen
op de velden van de eeuwige sneeuw, hebben ze een periode van
hoge en rijke productie van melkproductie. De melk is een belangrijk
deel van de zomeroogst. Terwijl de mannen en jongens het hooi
en de rogge inslaan, gaan de vrouwen en kinderen in grote getale
naar het vee om te melken, en bewaren de kaas voor het gebruik
in de volgende winter. Deze kaas bevat de natuurlijke boter,
vet en mineralen van de uitstekende melk en is praktisch een
opslagplaats voor het leven van de volgende winter
.Zonder
precies te weten waarom, herkennen de inheemse mensen van het
dal de superieure kwaliteit van hun boter in juni, en die betaalt
zich dan terug als gevolg van deze waardering en verering daar
van (pag. 26). Door de loop van verschillende daarop volgende jaren bezocht Price de hooglanden van Afrika, erg geïsoleerd en afgelegen liggende Peruaanse nederzettingen aan de kust. Inheemse Amerikanen in de noordelijke regionen, en volkeren in de moerassen van Florida, en gemeenschappen op de buitenste Hebriden van Schotland, de Fiji-eilanden en Polynesië, de Maori's van Nieuw-Zeeland, de aboriginals op het vastenland van Australië en de eilandbewoners van de Torres Straits die leven ten noorden van Australië. In iedere plaats vond hij mensen die zich vanwege het geïsoleerde afgelegen leven beperken moesten op een zelf voorzienende voedingwijze die ook van de hoogste kwaliteit bleek te zijn. Price stelde dezelfde kwaliteiten van gezondheid bij alle deze plaatsen vast, en realiseerde zich dat men niet maar één bepaalde universele voedingswijze kan voorschrijven als zijnde de ideale menselijke voedingswijze en dat de uitzonderlijke gezonde mensen eters van alle soorten voedingswijzes waren. Sommige van deze mensen waren primair eters van vlees- en zeevoedsel, andere waren eerder vegetarisch, andere aten grote hoeveelheden zuivel. Sommige aten tarwe, sommige haver, sommige groenten en zeevoedsel. De voedingswijze van elk volk werd in detail beschreven en bekeken. Zijn beschrijving van de hooglanden van Zwitserland zal dienen om de rijkdom die zijn boek bevat te illustreren voor diegene die het boek helemaal willen bestuderen. "De voeding van de mensen van Loetschental,
vooral die van de opgroeiende jongens en meisjes, bestond grotendeels
in een snee volkoren roggebrood met een stuk van de in de zomer
gemaakte kaas (die ongeveer zo dik was als de snee roggebrood
zelf), en dat gegeten werd met verse geiten- of koeienmelk.Vlees
werd er ongeveer 1 maal per week gegeten. "Men koesterde grote bewondering voor deze bergmensen als men er voor stond, voor de mooie lichamelijke ontwikkeling en het hoge morele karakter, men is onder de indruk van deze superieure soorten mannen en vrouwen en kinderen die door de Natuur toegelaten werden zich zo te ontwikkelen uit een geschikte voedingswijze en geschikte omgeving. Zekerlijk is er hier bewijs genoeg te vinden om de vraag te beantwoorden of granen zouden moeten worden vermeden omdat die zuren in het lichaam zouden vormen, welke als ze zich zouden vormen de oorzaak van tandverval en vele ander ziektes zoals een hoge zuurgraad van het bloed of speeksel zouden zijn. Zekerlijk zal de uiteindelijke uitslag daarvan te vinden zijn in het laboratorium van de Natuur waar de mensen nog niet in staat was om voldoende te bemoeien met het voedingsprogramma van de Natuur om de mensheid te verwoesten met abnormale en synthetische voeding. Als men dagenlang het kinderleven observeerde in deze hoog gelegen Alpen die allen een uitstekende weerstand en lichaamsbouw hadden, en als men die dan vergeleek met de mensen met de smalle ziekelijk bleke en gele zelfs vervormde gezichten, en ontstelde lichamen die zo voortkwamen als gevolg van onze moderne civilisatie en de voedingswijze er van, en als men dan deze ongeëvenaarde schoonheid van de gezichten van deze kinderen die zich ontwikkelden uit de traditionele primitieve voedselsoorten van der Natuur met het gevarieerde assortiment van moderne civilisatiekinderen met hun gebrekkige gezichtsontwikkeling vergeleek, dan stelt men vast dat de innige wens opkomt dat deze verbeterde lichaamsbouw, weerstand en karakters ook beschikbaar zouden moeten zijn voor de moderne civilisatie. ."(pag. 31 - 32) Price verwierp ook enigerlei denkbeeld dat deze geïsoleerd levende gemeenschappen van ongewoon gezonde mensen op de een of andere manier een overgeërfde weerstand hadden tegen ziekte en degeneratie. Hij redeneerde dat als uitzonderlijk goede genen inderdaad het geval zouden zijn, dat de daar uit voortkomende mensen en kinderen die dit leven in de gezonde gemeenschap achter zich hadden gelaten en inruilden voor een leven in de "civilisatie", dat deze met hun goede genen in dezelfde goede gezonde toestand terug zouden zijn te vinden. En indien genetisch bepaald, zouden niet alleen de volwassenen die er uit weg gingen gezond zijn, maar ook als een getrouwd paar er uit vertrok zouden hun kinderen precies dezelfde genen hebben, die zouden dan ook terug gevonden moeten worden in een goede lichamelijke en geestelijke toestand. Maar dit bleek dus niet het geval te zijn. De weerstand tegen tanddegeneratie wees zich uit gebaseerd te zijn op de voedingwijze, en niet op de genen. Hier volgen drie kleine stukjes uit het boek over dit interessant onderwerp: "Altijd weer opnieuw hadden we die ervaring,van het onderzoeken van een jonge man of jonge vrouw, en stelden we vast dat in de een of ander periode van hun leven het tandverval buitensporig was geweest en later ook opeens ophield; maar tijdens deze periode waren er enkele tanden verloren gegaan. Toen we zulke mensen er over vroegen of ze uit de bergen waren vertrokkenen en op welke leeftijd, antwoordden ze meestal dat ze op de leeftijd van 18 of 20 jaar naar die of die stad waren vertrokken, en daar een jaar of twee waren gebleven. Ze zeiden dat ze nog nooit van te voren een rotte tand hadden gehad voordat ze gingen of nadat ze terugkeerden, maar dat ze enkele tanden hadden verloren in de korte periode dat ze van huis waren." (pag. 32). "Op dit punt van onze onderzoeken .begeleidde Dr. Gysi ons naar het Anniviers Dal, dat ook aan de zuidkant van de Rhone ligt. De rivier van het dal, de Navizenze, komt uit de hogere gelegen delen van Zwitserland en Italiaanse grens naar het noorden van de Rhone rivier. Hier hadden we alweer de opmerkelijke ervaring van het vinden van gemeenschappen die naast elkaar woonden en leefden, de ene die gezegend was met een hoge weerstand tegen tandverval, en de andere die betroffen was met een buitensporig tandverval. "Het dorp Ayer ligt in een mooi dal tegen de gletsjers. Het is nog steeds overwegend primitief daar, alhoewel de weg daar kort geleden door de regering werd aangelegd, die, net als al vele van de nieuwe aders het mogelijk heeft gemaakt om indien nodig tot militaire actie te kunnen komen tegen enigerlei gemeenschap. In dit mooie gehucht, dat tot voor kort geïsoleerd lag, stelden we een hoge weerstand tegen cariës vast. Maar 2,3 tanden van de 100 die wel onderzochten werden vastgesteld dat ze enigerlei tandverval hadden. Ook hier leefden de mensen op rogge en zuivelproducten. We vroegen ons af of in de eerst volgende jaren deze zelfde geschiedenis zich zou herhalen, en of daar ook deze weerstand verloren zou gaan met de komst van de grote weg er naar toe. Gewoonlijk duurt het niet lang nadat er tunnels en wegen worden aangelegd, dat er auto's en vrachtwagens komen met modern voedsel, die beginnen met hun destructief werk. Dit feit werd tragisch genoeg gedemonstreerd in dit dal, sinds er enkele jaren geleden een rijweg werd aangelegd tot in Vissoie. In dit dorp was enige tijd lang modern voedsel verkrijgbaar. Men kon in feite de afstand van Ayer tot in Vissoie in een uur tijd lopen. Het aantal tanden dat betroffen was door cariës op ieder honderd kinderen die er onderzocht werden in Vissoie was 20,2 in tegenstelling tot 2,3 in Ayer. We hadden hier de uitstekende gelegenheid om de veranderingen te bestuderen die er in de voedingswijze waren. Met de komst van het transport en nieuwe markten werd er moderne wittebloem heen gebracht; apparaten voor een bakkerij om witbrood en bloemproducten van te maken; zoet fruit zoals jamsoorten, marmelades, gelei, suiker en siropen - - alle die werden verruild werden voor de lokaal geproduceerde hoog vitaminehoudende zuivelproducten en hoog mineraalhoudende kaas en rogge; en met de verkoop daarvan werd er ook voldoende geld verdiend als premie om machinaal gemaakte kleren te kopen en vele nieuwe artikelen die al vlug in noodzakelijkheden werden vertaald." (pag. 32 - 3)
En hier is nog iets bewijs dat het denkbeeld
ontkracht dat alleen bepaalde kleine gemeenschappen van hoog
in de bergen levende Zwitsers speciaal goede genen zouden hebben: Een van de meest waardevolle lessen die in Nutrition and Physical Degeneration werd gevonden komt van onderzoeken van de vele foto's er in, en die leren ons direct te herkennen hoe een gezond gezicht en bottenstructuur er uit ziet. Dit wordt gedemonstreerd door het vergelijken van vele aantallen paren foto's. Price introduceert de lessen op de volgende manier: "De lezer zal het nauwelijks kunnen geloven dat het mogelijk is dat zulke opmerkelijke verschillen kunnen zijn in gezichtsvorm, in de vorm van het gehemelte, en in de gezondheidstoestand van de tanden zoals ze werden vastgesteld in het gaan van de hoog gemoderniseerde lager gelegen dalen en vlakke land in Zwitserland, naar de hoger gelegen geïsoleerd afgelegen dalen. Fig. 3 laat 4 meisjes zien met typische breed gehemelte en een regelmatige opstelling van de tandenrij. Die werden geboren en groeiden op in Loetschetal of andere geïsoleerde afgelegen dalen van Zwitserland die de uitstekende voeding hadden zoals we die hebben gezien. Ze waren maar nauwelijks of niet onderwezen in het gebruik van de tandenborstel. Hun tanden hadden de typische aanslag van ongepoetste tanden; maar toch waren ze geheel vrij van cariës, net zoals de andere leden van de gemeenschap die ze vertegenwoordigden. In een onderzoek van 4.280 tanden van de kinderen van deze hoog gelegen dalen, werd er maar 3,4 % gevonden die betroffen was door tandverval. Dit is in zeer opmerkelijk contrast met de toestanden die worden aangetroffen in de moderne delen van Zwitserland die modern voedsel gebruiken." (pag. 34) Fig 3: Normale vorm van het gezicht en gehemelte als er adequate voeding wordt gebruikt, door beide ouders en de kinderen. Let op de goed ontwikkelde neusgaten.
"Het is van belang dat een studie van
het leven van de kinderen van het Rhonedal zoals die gemaakt
werden door de Zwitserse overheidsfunctionarissen en gemeld door
Dr. Adolf Roos en zijn medewerkers, laat zien, dat praktisch
ieder kind tandverval had, en de meerderheid van de kinderen
had tandverval in een gevorderde vorm. De mensen van dit dal
zijn voorzien van een adequate treinverbinding die hun de luxe
van de wereld brengt. Toen we via de Andermatt verder gingen,
viel ons in dat de treinen van de St. Gotthardtunnel ongeveer
anderhalve kilometer onder onze voeten door de tunnel donderde
op zijn route door Italië. "Door de vriendelijkheid van Dr. William
Barry, een plaatselijke tandarts, en door die van de inspecteur
van de openbare scholen, werden we uitgenodigd om een van de
schoolgebouwen te gebruiken voor onze onderzoeken van de kinderen.
De zomerlessen werden uitgesteld, met de vermelding dat de kinderen
daar gehouden werden, zo dat we ze konden onderzoeken. Verschillende
factoren waren direct duidelijk te zien. De tanden waren blinkend
en schoon, ze gaven welsprekende getuigenis van de grondigheid
van de instructies van het gebruik van de moderne tandpasta's
en -poeders. Het tandvlees zag er schoner uit en de tanden mooier
omdat ze de etensresten en aanslag er van verwijderd was. FIG: 4 In de moderne districten van Zwitserland is het tandverval rampzalig. Het meisje aan de bovenlinkerkant is 16 jaar en dat aan de rechterkant is jonger. Ze gebruiken vrijelijk witbrood en zoetigheid. De twee kinderen onderen hebben erg slecht gevormde gehemeltes, met scheef staande tanden. Deze misvormingen worden niet overgeërfd.
"Een andere verandering die wordt gezien bij het verlaten van de geïsoleerde gemeenschappen met hun overwegend normale gezichtsvormen in vergelijk met de gemeenschappen van de lager gelegen dalen, is de opmerkelijke onregelmatigheid van de tanden met de versmalling van het gehemelte en andere gezichtskenmerken. In de onderste helft van figuur 3 kunnen twee zulke gevallen worden gezien. Terwijl er in de geïsoleerde gemeenschappen geen enkel geval van een typische mondademhaler werd aangetroffen, kon men er wel veel vinden onder de kinderen van de gemeenschappen van de lager gelegen vlaktes. De kinderen die we bestudeerden waren van de leeftijd van 10 tot 16 jaar . "Slecht als de toestanden waren, vertelde men ons dat ze beter waren dan het gemiddelde van de gemeenschap. De ravages van tandcariës werd opmerkelijk te zien toen we in contact kwamen met de plaatselijke bevolking en het reizende publiek. Zoals in St. Moritz vonden we soms een kind dat veel beter tanden had dan het gemiddelde. Gewoonlijk was het antwoord niet ver te zoeken. Zo waren er bijvoorbeeld in de groepen van St. Moritz in een klas van 17 jongens 158 gaatjes, oftewel een gemiddelde van 9,8 gaatjes per persoon (de vullingen werden geteld als gaatjes). In het geval van drie andere kinderen van dezelfde groep, waren er maar 3 gaatjes, en een geval was er zonder cariës. Twee van deze drie hadden donker brood gegeten, oftewel volkoren granen brood), en een at donker brood en haverporridge. Alle drie dronken ze vrijelijk verse melk." (pag. 39 - 40) Een van de meest waardevolle dingen die
ik afleidde uit Nutrition and Physical Degeneration verkreeg
ik omdat ik wat gegevens van een ander klein boek Pottenger's
Cats verkreeg, dat ook gepubliceerd wordt door de Price-Pottenger
Foundation. Door deze twee boeken met elkaar te combineren heb
ik een mogelijkheid verkregen om te zien hoe het lichaam zich
aanpast aan inadequate voeding, vooral inadequate minerale voeding.
Ik vermoed dat dit de reden is waarom de PPNF Pottenger's Cats
in druk houdt en waarom Francis Pottenger zijn steun aan deze
stichting gaf. Praktisch alle menselijke lichamen hebben genen die een kaak zouden laten vormen die voldoende groot is om alle tanden te kunnen bevatten waarmee het lichaam is geprogrammeerd, en zouden een voldoende groot gehemelte kunnen produceren - - als de mogelijkheid er zou zijn dat ze dat zouden kunnen. Maar als het lichaam gebrek heeft aan de rauwe materialen om deze structuren op te kunnen bouwen, dan rooft het deze wijselijk uit gebieden die niet direct vitaal zijn om te overleven, en gewoonlijk doet het dit zo volgens een soort van "schaal van vitaalheid". De chemie van het bloed moet ten iedere prijs perfect en behouden blijven, en het zenuwsysteem intact. Deze mogen niet tekort krijgen. Vervolgens kunnen ook niet de longen, het hart en de nieren etc, niet gaan krimpen of zo, omdat het lichaam dit ook niet zou overleven om deze te reproduceren. De botten die het lichaam bewegen, die het laten werken en vechten en vluchten moeten ook een zo groot mogelijke reserve hebben. Maar bepaalde bottenstructuren zijn niet zo heel erg vitaal, zoals bijvoorbeeld het kaakbeen, de gezichtsbeenderen, en het bekken. Als een ontwikkelende foetus half verstoken is van de juiste voedingsstoffen gedurende de zwangerschap, dan is het resultaat een smal, samengeknepen gezicht en een smalle kaak en bekken - - een arendsneus en scheve tanden. Als die foetus goed gevoed zou zijn, en zich ontwikkeld had in een moederlichaam dat ook een leven van goede voeding achter de rug gehad had, een lichaam dat voldoende voedingsreserves had in zijn weefsels, dan is het resultaat een zuigeling met een breed gezicht, wijde kaak en brede heupen - - een stevige baby. Als nadat geboren te zijn zulk een goed gevoede persoon gebrek heeft aan goede voeding gedurende de kindertijd, dan is het resultaat niet zo heel slecht omdat dit lichaam tenminste een goed start had. Een op voeding georiënteerde tandarts
die veel schreef , Melvin Page, concludeerde dat als het lichaam
minstens 75% ideale voeding zou krijgen, dat de bottenstructuren
en hoofdzakelijk intact zouden zijn. Als de voeding onder de
75% ideale goede voeding zouden dalen, dan zou zich tandziekte
vlug inzetten. Price vroeg zich ook af of er eventueel
enigerlei speciale soorten grond waren die bijzonder goed voor
de tanden waren. "Toen ik de regeringsfunctionaris vroeg welke de principiële ziektes van deze gemeenschappen waren, zei hij dat de meeste ernstige ziekte en het meest algemeen voorkomend de tandcariës was, en dat de volgende belangrijke ziekte de tuberculose was, en dat beide overwegend ziektes uit de moderne tijd waren in dat land." "Toen ik Dr. Rollier, de beroemde vertegenwoordiger van de heliotherapie in zijn kliniek in Leysin, Zwitserland bezocht, verwonderde ik me er over de opmerkelijke resultaten die hij verkreeg met de heliotherapie in (niet-long-) tuberculose. Ik vroeg hem hoeveel patiënten dat hij onder zijn generale supervisie had en hij zei ongeveer 3500. Dan vroeg ik hem hoeveel daarvan van de geïsoleerd liggende Alpendalen kwamen en hij zei dat er daarvan niet één was, maar dat ze praktisch allen van het Zwitserse platteland kwamen, met ook sommige uit andere landen." (pag. 41) Price concludeerde van al deze gegevens: Albrecht stelde vast dat de voedingskwaliteiten van voedsel en de daardoor resulterende gezondheid van de dieren die dit voedsel aten enorm beïnvloed werden door de intrinsieke vruchtbaarheid van de grond waar op dat groeide. En droevig genoeg is het zo dat de meeste grond op aarde niet vruchtbaar genoeg om maximaal voedingsrijk voedsel te produceren, en dus is het zo dat de meeste gebieden van de aarde geen langst mogelijk levende mensen voortbrengen waarvan de gezondheid is gemaximaliseerd. Albrecht voorzag ook in inzicht over hoe de bodem te verbeteren, met hulp van voedingsstoffen voor het voedsel wat er op groeit. Maar Albrecht's oplossingen voor het gebrek aan bodemkwaliteit zijn niet precies hetzelfde als die van de Biologische Landbouwreligie zoals die wordt gedefinieerd door J. I. Rodale en navolgers. Tijdens zijn leven was J. I. Rodale het niet helemaal eens met Albrecht en zo worden zelfs tegenwoordig nog altijd de geschriften van Albrecht genegeerd of overzien. Gelukkig worden Albrecht's woorden nog gedrukt door een organisatie die Acres heet, in de USA, jammer genoeg heeft die op dit moment echter geen website. The Albrecht Papers, alle drie boeken van hem, zijn verkrijgbaar door die te bestellen bij enigerlei boekhandel, en vele bibliotheken hebben die en zijn te verkrijgen door deze te lenen. Voor beginners raadt ik vooral deel II aan. In het volgende deel van deze boekbespreking
(eventueel nog in vertaling) heb ik een kleine selectie van de
foto's en nog een beetje tekst van Nutrition and Physical Degeneration
besproken. Het duurt maar enkele minuten om die te downloaden,
maar ik raad het erg aan omdat te doen en die ook te bestuderen,
en ook het commentaar dat Price er bij schreef. Ga dan naar buiten
naar je lokale supermarkt of waar er maar ook mensen zijn die
bij elkaar komen, en bekijk de gezichten, de gehemeltes en scheef
staande tanden. Als je iemand ziet met perfecte rechte staande
tanden, maar waar van het gezicht smal is, dan neem de kans en
ga naar die persoon toe, en stel je voor als een student in menselijke
gezondheid, en vraag of je een wat persoonlijke vraag mag stellen:
of ze bij een orthodontist waren? Veel dank voor het lezen van deze boekbespreking! Steve Solomon |